

Leidse Schouw 2
2408 AE Alphen aan den Rijn
T: +31 (0)172 44 24 17
F: +31 (0)172 44 20 28
E: info@willedonker.nl
Rechtsbijstandverzekeringen zijn tegenwoordig erg populair; u betaalt een vaste premie en daarvoor bent u verzekerd van juridische bijstand. Aan dergelijke juridische bijstand zitten echter ook nadelen, waarvan er één is dat de rechtsbijstandverzekeraar u veelal niet vrijlaat in de keuze van een rechtshulpverlener. Als het tot een procedure komt, krijgt u dan ook vaak een rechtshulpverlener (zoals een advocaat) toegewezen. Het kan hierbij gaan om iemand die in dienst is van de rechtsbijstandverzekeraar, maar het kan ook gaan om een externe advocaat met wie de rechtsbijstandverzekeraar (tarief)afspraken heeft gemaakt. Het nadeel van dit systeem is duidelijk: u krijgt een procesvertegenwoordiger met wie het mogelijk niet klikt, of die u niet deskundig genoeg vindt.
De Wet op het financieel toezicht (Wft) bepaalt echter dat rechtsbijstandverzekeraars hun verzekerden in staat moeten stellen zelf te kiezen voor een rechtshulpverlener, die hun belangen in rechte zal behartigen. Dat dat nog niet bij elke rechtsbijstandverzekeraar praktijk is, blijkt uit een recente uitspraak van de Voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam. De verzekerde maakte aanspraak op behandeling van zijn zaak door een advocaat van zijn keuze. DAS Rechtsbijstand wilde daar niet aan meewerken. De rechter oordeelde dat de verzekerde het principiële recht heeft om zelf te kiezen wie voor hem in rechte optreedt. Dat geldt voor alle procedures, ook voor zaken waarvoor geen verplichte vertegenwoordiging door een advocaat is vereist, zoals bij de kantonrechter, een arbitragezaak of in een bestuursrechtelijke procedure. De rechter oordeelt hiermee in lijn met een eerdere uitspraak van het Europese Hof van Justitie.
De rechter heeft zich nog niet uitgesproken over de vraag of het een verzekerde altijd vrijstaat om zich door een advocaat van zijn keuze te laten vertegenwoordigen, ook in procedures waarin vertegenwoordiging door een advocaat wettelijk niet verplicht is. De rechter overweegt dat over dit aspect in een eventuele bodemprocedure zal moeten worden beslist. Wij houden u op de hoogte.
Deze bijdrage is geschreven door mr. Berry van Lammeren.
Bron: Voorzieningenrechter Rechtbank Amsterdam 8 maart 2011, LJN: BP7547.