Zoeken
Nederlands    English

Leidse Schouw 2
2408 AE Alphen aan den Rijn
T: +31 (0)172 44 24 17
F: +31 (0)172 44 20 28
E:
info@willedonker.nl

Klik hier voor de doorkiesnummers

Einde aan soap recreatiewoningen

Permanente bewoning van recreatiewoningen houdt de gemoederen al jaren bezig. Doordat veel gemeenten geen samenhangend handhavingsbeleid hebben om illegale bewoning van recreatiewoningen aan te pakken, maar slechts in incidentele gevallen optreden, is er veel onzekerheid. Al in 2002 werd de regering door de Tweede Kamer opgeroepen daar iets aan te doen (motie-Van Gent/Van der Ham).

Deze oproep resulteerde eind 2003 in een beleidsvoorstel van toenmalig minister Dekker. Zij formuleerde een aantal regels waarbinnen gemeenten de vrijheid hadden om permanente bewoning van recreatiewoningen te legaliseren. Dat zou onder meer kunnen in gevallen waarin de bewoning vóór 31 oktober 2003 was aangevangen en door de gemeente passief was gedoogd. Verder moesten de recreatiewoningen aan het Bouwbesluit voldoen en mocht legalisering geen strijd opleveren met de natuurbeschermingswetgeving.

Veel gemeenten gingen met dit beleidskader aan de slag, maar niet allemaal. Voor een grote groep 'permanente bewoners' bleef de onduidelijkheid dus bestaan. Daarom riep de Tweede Kamer de regering opnieuw op om helderheid te verschaffen. Minister Cramer liet de gemeenten daarop in 2008 weten dat zij op korte termijn aan al degenen die nog permanent in een recreatiewoning verbleven, moesten laten weten of ze gelegaliseerd zouden worden of niet. Gemeenten die hieraan niet uiterlijk op 1 januari 2010 voldeden, zouden na die datum verplicht zijn persoonsgebonden ontheffingen af te geven. Kennelijk omdat een en ander nog niet voortvarend genoeg werd opgepakt, diende de regering in 2009 een wetsvoorstel in dat tot doel had gemeenten te verplichten alle nog bestaande gevallen van permanent verblijf in een recreatiewoning waartegen nooit was opgetreden, per 1 januari 2010 te legaliseren.

De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), die altijd sterk tegenstander van dit wetsvoorstel was, heeft de regering er onlangs echter van weten te overtuigen dat het reguleren van permanente bewoning van recreatiewoningen toch beter aan gemeenten kan worden overgelaten. Daarop heeft de regering het wetsvoorstel, waar door vele 'illegale bewoners' naar werd uitgekeken, ingetrokken.

Daarmee komt er voorlopig een eind aan deze soap. Voor de bewoners van recreatiewoningen blijft de onzekerheid over de legaliseerbaarheid van hun verblijf voorlopig bestaan. Het is te hopen dat gemeenten nu wél hun verantwoordelijkheid zullen nemen om duidelijkheid te verschaffen aan de grote groep permanente bewoners die al vanaf 2003 in onzekerheid verkeert. Het verleden laat echter zien dat die duidelijkheid waarschijnlijk nog lang op zich zal laten wachten.

Deze bijdrage is geschreven door mr. Rudolf van Binsbergen, contactpersoon van de praktijkgroepen Vastgoed en Overheid.